Schriftlezing:

Exodus 12: 14 – 28

Die dag moet voortaan een gedenkdag zijn, die je moet vieren als een feest ter ere van de HEER. Dit voorschrift blijft voor altijd van kracht, alle komende generaties moeten die dag vieren. Eet dan zeven dagen lang ongedesemd brood, en verwijder meteen op de eerste dag alle zuurdesem uit jullie huizen; wie op een van die zeven dagen iets eet dat zuurdesem bevat, moet uit de gemeenschap van Israël gestoten worden. De eerste en zevende dag zijn heilige dagen die jullie samen moeten vieren. Die beide dagen mag er geen enkele bezigheid verricht worden, jullie mogen alleen het voedsel bereiden dat ieder nodig heeft. Dit voorschrift blijft voor altijd van kracht. Generatie na generatie moeten jullie het feest van het Ongedesemde brood vieren, omdat ik jullie die dag, in groepen geordend, uit Egypte heb geleid. Van de avond van de veertiende dag van de eerste maand tot de avond van de eenentwintigste dag van die maand moeten jullie ongedesemd brood eten. Gedurende die zeven dagen mag er geen zuurdesem in jullie huizen te vinden zijn; iedereen die iets eet dat zuurdesem bevat, moet uit de gemeenschap van Israël gestoten worden, of het nu een vreemdeling is of een geboren Israëliet. Eet niets dat met zuurdesem bereid is; eet uitsluitend ongedesemd brood, waar jullie ook wonen.”‘ Toen riep Mozes de oudsten van Israël bij elkaar. ‘Elke familie moet een lam of een bokje kiezen,’ zei hij, ‘en dat moet worden geslacht als pesachoffer. Laat ieder daarna een bos majoraantakken nemen, die in de schaal met bloed dopen en het bloed aan de bovendorpel en aan de beide deurposten strijken. Ga dan tot de morgen de deur niet uit, want de HEER zal door Egypte heen gaan om het te straffen. Maar ziet hij bij een deur bloed aan de bovendorpel en aan de posten, dan zal hij die deur voorbijgaan, hij zal de doodsengel geen toestemming geven om uw huizen binnen te gaan en u te treffen. Dit voorschrift blijft voor u en uw kinderen voor altijd van kracht. Ook als u eenmaal in het land bent dat de HEER u zal geven, zoals hij heeft beloofd, moet u dit gebruik in ere houden. En als uw kinderen dan vragen: “Wat betekent dit gebruik?” antwoord dan: “Wij brengen de HEER een pesachoffer omdat hij de huizen van de Israëlieten voorbij is gegaan toen hij de Egyptenaren strafte; ons heeft hij gespaard.”‘ Toen knielden de Israëlieten en bogen ze zich diep neer, en ze deden wat de HEER aan Mozes en Aäron had bevolen.(NBV)

Psalmen 116: 1 – 19

De HEER heb ik lief, hij hoort mijn stem, mijn smeken, hij luistert naar mij, ik roep hem aan, mijn leven lang. Banden van de dood omknelden mij, angsten van het dodenrijk grepen mij aan, ik voelde angst en pijn. Toen riep ik de naam van de HEER: ‘ HEER, red toch mijn leven!’ De HEER is genadig en rechtvaardig, onze God is een God van ontferming, de HEER beschermt de eenvoudigen, machteloos was ik en hij heeft mij bevrijd. Kom weer tot rust, mijn ziel, de HEER is je te hulp gekomen. Ja, u hebt mijn leven ontrukt aan de dood, mijn ogen gedroogd van tranen, mijn voeten voor struikelen behoed. Ik mag wandelen in het land van de levenden onder het oog van de HEER. Ik bleef vertrouwen, ook al zei ik: ‘Ik ben diep ongelukkig.’ Al te snel dacht ik: Geen mens die zijn woord houdt. Hoe kan ik de HEER vergoeden wat hij voor mij heeft gedaan? Ik zal de beker van bevrijding heffen, de naam aanroepen van de HEER en mijn geloften aan de HEER inlossen in het bijzijn van heel zijn volk. Met pijn ziet de HEER de dood van zijn getrouwen. Ach, HEER, ik ben uw dienaar, uw dienaar ben ik, de zoon van uw dienares: u hebt mijn boeien verbroken. U wil ik een dankoffer brengen. Ik zal de naam aanroepen van de HEER en mijn geloften aan de HEER inlossen in het bijzijn van heel zijn volk, in de voorhoven van het huis van de HEER, binnen uw muren, Jeruzalem. Halleluja!(NBV)

Tekst voor de preek:

Exodus 12: 14

Die dag moet voortaan een gedenkdag zijn, die je moet vieren als een feest ter ere van de HEER. Dit voorschrift blijft voor altijd van kracht, alle komende generaties moeten die dag vieren.(NBV)

Psalmen 116: 13 – 14

Ik zal de beker van bevrijding heffen, de naam aanroepen van de HEER en mijn geloften aan de HEER inlossen in het bijzijn van heel zijn volk.(NBV)