Tot de komst van het orgel werd het zingen in de erediensten geleid door een voorzanger. Het eerste orgel in de GKV Schildwolde stamt uit 1915. Orgelfabrikant Mart Vermeulen plaatste het orgel in het toen vier jaar oude kerkgebouw.

Voor de bouw van het orgel gebruikte Vermeulen voornamelijk oudere onderdelen. Later vonden wij bijvoorbeeld in twee van de pijpen van de Holpijp 8’ een inscriptie uit 1906 van een pijpenmaker uit Amsterdam.

Voor latere uitbreidingen van het orgel werd, naast gebruikt pijpwerk, ook nieuw pijpwerk ingebouwd. Met name het pijpwerk waarmee het orgel in 1950 werd uitgebreid paste niet goed bij het oudste pijpwerk. De klank van het orgel raakte uit balans en de grondtoon van het orgel met aangehangen pedaal was zwak. Hierdoor was het moeilijk de gemeente zang te sturen, vooral in een goed bezette kerk.

Grondige restauratie in 2002
In 2002 werd het orgel grondig gerestaureerd door Mense Ruiter Orgelmakers te Zuidwolde. Uitgangspunt voor deze restauratie was het oudste pijpwerk. De overige bruikbare pijpen zijn daar omheen gebouwd en het geheel is verder uitgebreid met nieuwe pijpen, onder andere voor een vrij pedaal.

De grote balg van de windvoorziening werd hersteld van lekkage door uitdroging van hout en leer. De balg werd na herstel niet meer onder in het orgel teruggeplaatst, maar in de toren achter het orgel. Hierdoor kwam in het orgel ruimte vrij voor nieuwe registers.

Ook de windlade van het bovenwerk werd volledig gerestaureerd en aangepast aan de nieuwe opstelling van de pijpen. Voor de pedaalregisters werd een nieuwe windlade toegevoegd.

Zorgvuldige afwerking door gemeente
Door de grondige restauratie van het orgel in 2002 moest het balkon in de kerk pasklaar gemaakt worden. Timmermannen, constructeurs, elektriciens en schilders uit de gemeente zetten er samen de schouders onder.

Het plafond boven het orgel werd verhoogd en daarmee in originele staat teruggebracht.

Het hele orgel, inclusief de ongeveer 5 meter hoge nieuwe houten pijpen van de bazuin, stond hierdoor aan de bovenkant vrij. Dit had een gunstig effect op de akoestiek (‘geluid’) in de kerk. Rondom de plaats waar de nieuwe speeltafel is komen te staan, is de orgelkast en de vloer aangepast.

Over de windkanalen (die van de balg in de toren naar het orgel lopen) is een voorziening gemaakt waardoor er overheen gelopen kan worden.

Tenslotte is het geheel met uiterste zorg weer in originele stijl geverfd en afgewerkt.

Genieten van het orgel
Inmiddels mogen wel al weer geruime tijd genieten van het orgel in haar huidige staat. Dit geldt zowel voor de organisten als voor de luisteraars in de kerk.

De huidige dispositie van het orgel (na de restauratie van 2002)

HOOFDWERK
Prestant 8’
Bourdon 16’
Salisionaal 8’
Quintadeen 8’
Roerfluit 8’
Octaaf 4’
Fluit 4’
Quint 3’
Cornet 5 sterk (D)
Trompet 8’
BOVENWERK
prestant 4’
holpijp 8’
viool 8’
fluit 4’
fluit 2’
flagiolet 1’
klarinet 8’
PEDAAL
subbas 16’
octaafbas 8’
octaafbas 4’
bazuin 16’

De cursief gedrukte registers zijn nieuwe registers in het orgel